Niveau 2
B: Module bovenste extremiteit (3 dagen)
Van nek tot schouder, arm en hand
Hoe hangen klachten van nek, schouder, arm en hand met elkaar samen? En welke rol spelen fascia, spieren, gewrichten en het zenuwstelsel bij pijn en bewegingsbeperkingen?
In deze driedaagse vervolgmodule verdiep je het F.I.T.-concept voor de gehele bovenste extremiteit. Je leert hoe fasciale anatomie, weefselfysiologie en functionele relaties richting geven aan het onderzoeken en behandelen van patiënten.
De cursus combineert wetenschappelijke verdieping met uitgebreid praktijkonderwijs. Je leert niet alleen nieuwe manuele technieken, maar vooral hoe je deze kunt integreren met oefentherapie, training en het verbeteren van dagelijkse activiteiten.
Drie dagen, drie lichaamsregio's
Dag 1 – Nek en kaak
We onderzoeken de fasciale en functionele relaties tussen hoofd, kaak, cervicale wervelkolom en thorax. Daarbij besteden we aandacht aan hoofdbalans, houding, glijvlakken, triggerpoints en de relatie tussen spieractiviteit, spanning en beweging.
Dag 2 – Schouder
De schouder wordt benaderd vanuit de samenhang tussen het glenohumerale gewricht, de scapula, thorax en omliggende myofasciale structuren. We verdiepen ons in de rol van fascia, weefselbelasting en periarticulaire structuren bij schouderklachten en bewegingsbeperkingen.
Dag 3 – Arm en hand
We volgen de myofasciale relaties van de bovenarm via elleboog en onderarm naar pols en hand. Je leert lokale klachten te onderzoeken vanuit de functionele samenhang van de gehele bewegingsketen.
Van functioneel onderzoek naar behandeling
Het Fascia Functie Onderzoek (FFO) vormt de rode draad door de cursus. Je onderzoekt bewegingskwaliteit, mobiliteit en functionele beperkingen en verbindt de bevindingen met de hulpvraag van de patiënt.
Je oefent met regionale behandel-sequences waarin verschillende manuele technieken worden gecombineerd met bewegen en trainen.
Met test–treat–retest beoordeel je de directe behandelrespons en leer je je klinische hypothesen en interventiekeuzes bij te stellen.
Tijdens de cursus werk je ook samen aan een praktijkopdracht. Op de derde dag worden de oorspronkelijke onderzoeksbevindingen opnieuw geëvalueerd.
Wat leer je?
-
De fasciale anatomie en functionele relaties van nek, kaak, schouder, arm en hand verdiepen.
-
Pathofysiologische inzichten over fascia, grondsubstantie, glijvlakken en weefseladaptatie toepassen bij klinisch redeneren.
-
Het FFO gebruiken om lokale klachten in een breder functioneel perspectief te onderzoeken.
-
Myofasciale technieken en triggerpointbehandeling gericht selecteren, uitvoeren en doseren.
-
Manuele interventies combineren met fasciatraining en functionele oefeningen.
-
Behandelreacties systematisch evalueren en vertalen naar verbetering van het dagelijks functioneren.
Praktijkgericht leren
De cursus bestaat uit interactieve theorielessen, demonstraties, uitgebreid oefenen en klinische casuïstiek. Je ontwikkelt je palpatoire en manuele vaardigheden en leert de aangereikte kennis direct te verbinden met jouw fysiotherapeutisch handelen.
Voorwaarde: je hebt de Basismodule Fasciatherapie F.I.T. gevolgd.
B
-
Contacturen: 21
-
Didactische werkwijze: interactief theorie en praktijk met ruime begeleiding
-
Docenten: Ernst van der Wijk, Job van der Bos
-
Doelgroep aanvangsniveau: fysiotherapeuten met minimaal basismodule
-
Leiding: Ernst van der Wijk
-
Aantal deelnemers: minimaal 12, maximaal 30
-
Kosten: 895 euro, incl. koffie/thee en lunch, digitale syllabus, map met soft tissue technieken
-
Toetsing: Nee
-
Certificaat: Ja






Blijf op de hoogte
Wilt u op de hoogte blijven van nieuwe data en accreditatie?
Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief.
